Nieuws Mongolie.Net 2005
20 October 2005
Publicatie Mongolie in de KIT Landenreeks
LANDENREEKS MONGOLIË
Halbertsma, T.
Mongolië bezit een roemruchte geschiedenis, een ongerepte natuur en een
jonge democratie. Met meer kranten, politieke partijen en niet-gouvernementele
organisaties (NGO’s) per hoofd van de bevolking dan welk ander Aziatisch
land ook, heeft het in korte tijd een van de meest vrije samenlevingen in dit
werelddeel weten op te bouwen. Deze nieuwe vrijheden staan in schril contrast
met het recente verleden van het land, toen de communistische partij vrijwel
ieder aspect van het leven domineerde. In Landenreeks Mongolië beschrijft
Tjalling Halbertsma in 74 pagina’s de geschiedenis, politiek, samenleving,
economie, cultuur, natuur en milieu van Mongolië.
Mongolië is een groot land met een kleine bevolking.
De helft van hen zijn nomaden die op de eindeloze steppes wonen, waar zij zijn
overgeleverd aan een van de meest extreme klimaten op aarde. Steeds meer nomaden
slaan ondertussen hun ger-tenten op in de hoofdstad Ulaanbaatar. De steppe van
Mongolië wordt steeds leger.
Tjalling Halbertsma studeerde rechten en antropologie en woont sinds 1994 in Azië. Sinds 1999 is hij werkzaam als adviseur van de premier en de latere president van Mongolië. Hij is auteur van verschillende boeken over Mongolië en China, waaronder Sprong naar het Westen (2005), Steppeland (2003) en De verloren lotuskruisen (2002). Daarnaast bericht hij regelmatig over China en Mongolië in diverse internationale media.
ISBN 9068324187
2005
Dutch
Paperback 74 pp.
Euro 11.90
|
te gast in ... Mongolië
|
Ingeklemd tussen de China en Rusland ligt Mongolië. Tot eind jaren tachtig was het vrijwel onmogelijk om dit land te bezoeken, maar sinds het in 1990 onder invloed van de perestrojka een vrije democratie is geworden, zijn ook buitenlandse bezoekers weer welkom. Dit heeft de laatste jaren geleid tot een snel groeiende belangstelling voor Mongolië als reisbestemming.
Voor veel reizigers zijn de wiegende wagons van de Transmongolië-express onlosmakelijk verbonden met hun bezoek aan Mongolië. Irene Herbers doet verslag van deze enerverende treinreis die soms meer weg heeft van een mobiele marktplaats. Mongolië is traditioneel een land van nomadische veehouders. Manon Danker beschrijft hoe ingrijpend hun leven de afgelopen eeuw is veranderd. Tjalling Halbertsma bezocht Mongolië in 1998 voor het eerst en zag het land in een kort tijdsbestek een enorme ontwikkeling doormaken. Tevens constateert hij dat Mongoliërs veel van hun tradities en rijke geschiedenis houden. Djengis Khaan, de roemruchte Mongoolse krijgsheer is hun grote trots. Guido Verboom, de samensteller van de bundel, legt uit dat sinds er weer sprake is van religieuze vrijheid vooral het boeddhisme weer volop in de belangstelling staat. Enkele auteurs gaan op bezoek bij Mongoliërs. Justus Dolleman doet zaken met Mongoolse familiebedrijfjes en Marco van Duyvendijk heeft een ontmoeting met een Kazakse adelaarsjager. Beiden zijn onder de indruk van de enorme gastvrijheid. Journalist en fotograaf Johannes Ode tot slot is getuige van Nadaam, het belangrijkste festival waarbij Mongoliërs hun drie nationale sporten uitoefenen: worstelen, boogschieten en paardrijden.
Deze uitgave bevat verder een katern met veel handige praktische tips, een
woordenlijst en literatuuroverzicht.
‘te gast in Mongolië’ (1e druk, april 2005, 48 pag. ISBN 90-76888-57-4) Samenstelling en redactie: Guido Verboom; eindredactie Kees van Teeffelen).
Tevens verscheen er onlangs een nieuwe editie van te gast in Ghana (2e druk april 2005 ISBN 90-76888-54-X)
te gast in-uitgaven zijn verkrijgbaar bij de boekhandel; prijs 6.50 euro. Distributie voor Nederland en België wordt verzorgd door Nilsson & Lamm (info@nilsson-lamm.nl)
Voor een overzicht van te gast in-uitgaven zie www.tegastin.nl
Nijmegen, 3 mei 2005
Zie ook het overzicht van boeken van Nederlandse auteurs
23 januari 2005
Tentoonstelling naar aanleiding van fotoboek Mongolia van Jan Locus in Antwerpen
Op 10 maart zal het fotoboek "Mongolia"
van Jan Locus worden voorgesteld in het Fotomuseum Provincie Antwerpen. Op dit
moment zal tevens een begeleidende tentoonstelling worden geopend die zal lopen
van 11 maart tot 10 april.
Gedurende de maanden maart en april zal er tevens een tweede en meer uitgebreide
fototentoonstelling lopen in de nieuwe gallerij Cypres te Leuven.

MONGOLIA
Uitgegeven door Fotomuseum Provincie Antwerpen en Cypres
Fotografie Jan Locus - Tekst Tjalling Halbertsma
ISBN 9066250623
De erfenis van de twintigste eeuw bestaat voor Mongolië uit een verloren ideologie en herwonnen vrijheden. De symbolen van de revolutie zijn daarbij grotendeels blijven staan, maar dat lijkt alleen de buitenwereld op te vallen. Het land zelf hecht maar weinig waarde en betekenis aan de revolutionaire iconenwereld van weleer, en van een afrekening of beeldenstorm is al helemaal geen sprake. Nieuw Mongolië toont in eerste plaats een land dat op de resten van zeventig jaar socialisme een nieuw bestaan tracht op te bouwen.
Jan Locus heeft die erfenis, reconstructie en vernieuwing van stad en steppe in volle vaart weten te grijpen. Zijn foto¹s tonen de brokstukken van de twintigste eeuw en de kansen die Mongolië voor zich ziet. De arbeiders en stedelingen, de gevangenen en straatkinderen, maar ook de nomaden en hun winnende paarden geven betekenis aan het verleden aan de vooravond van een nieuw Mongolië.
Mongolia is een tijdsdocument van een steppewereld die zich op de scheidslijn van noodlot en kans bevindt.
Tjalling Halbertsma (1969) studeerde rechten en antropologie. Hij is onder meer werkzaam als adviseur van de minister-president van Mongolië en schrijft regelmatig over ontmoetingen tussen Oost en West voor NRC Handelsblad, Trouw, The South China Morning Post en het tijdschrift Asian Art. Eerder verscheen van zijn hand De verloren lotuskruisen (2002) en Steppeland, berichten uit mongolië (2003).
11 januari 2005
12-01 Nederlandse Vrijwilliger bij de Boeddhistische Omroep
Op woensdag 12 januari zend de Boeddhistsche Omroep een interview uit Astrid
van den Bergen vanuit Ulaanbaatar in het programma REFLECTIES
van 16.00 - 17.00 uur op radio 747 AM
Astrid van den Bergen werkt als adjunct-directeur bij het Mongoolse centrum van de FPMT (Foundation for the Preservation of the Mahayana Tradition) in Ulaanbaatar, de koudste hoofdstad ter wereld. Zij vertelt over haar ervaringen in dit Centraal-Aziatische land en over de manier waarop de FPMT bijdraagt aan de heropleving van het Vajrayana-boeddhisme aldaar.
Meer informatie over het FPMT in Mongolië: www.fpmt.org/mongolia
Na uitzending kan het interview nog via internet worden beluisterd via: www.buddhistmedia.com
07 januari 2004
Tentoonstelling "De verloren lotuskruisen" verlengd
Rijksmuseum voor Volkenkunde heeft de galerij tentoonstelling De verloren Lotuskruisen: Wrijfprenten en foto's van Chinese grafstenen verlengd tot 26 juni 2005. De tentoonstelling geeft een overzicht van nestoriaanse grafstenen in Binnen-Mongolie en de grafroof die daar plaats vindt en bestaat uit foto's en wrijfprenten.
Persbericht
Staan er bijna dagelijks berichten over mislukte integratie en geloofsconflicten
in de krant, in het Rijksmuseum voor Volkenkunde zijn nog het hele jaar een
aantal opmerkelijke bewijzen van vroege integratie en stijlvermenging te zien.
Wrijfprenten en foto's van eeuwenoude grafstenen, gevonden in China en afkomstig
van volgelingen van de Kerk van het Oosten tonen een bijzondere iconografische
mix. Boeddhistische lotusbloemen, christelijke symbolen als kruisen en wijnranken
staan gebroederlijk naast typisch Chinese draken en wolkenpartijen.
De graven dateren uit de dertiende eeuw, toen een kleine groep volgelingen
van de Kerk van het Oosten Mongolik en China introk. De grafstenen zijn bijna
niet meer terug te vinden op hun oorspronkelijke plek, maar wel op boerenerven.
Dat komt omdat in een steppegebied, waar weinig bomen groeien en bouwmateriaal
schaars is, ieder stuk steen al snel een kostbaar goed wordt. De grafstenen
werden dan ook door boeren verzameld die ze in de fundamenten en muren van hun
boerderijen verwerkten. Een ander lot dat de graven trof is plundering en roof.
In de vorige eeuw namen deze praktijken een grote vlucht. Ook vandaag de dag
nog verkopen grafrovers muntjes, porseleinen kommen en andere aardewerken grafgiften
aan langstrekkende handelaren. Uiteindelijk belanden de voorwerpen veelal in
handen van westerse kunsthandelaren; de prijzen liggen daar flink hoger dan
in China zelf.
Het zijn niet alleen professionele grafrovers die de graven plunderen. Door
de droge zomers en strenge winters van de afgelopen tijd hebben veel herders
hun vee verloren en zijn de oogsten mislukt. Omdat er toch brood op de plank
moet komen, zijn boeren en herders de grafheuvels gaan plunderen. Veel historisch
waardevolle informatie over de Chinese Kerk van het Oosten dreigt daarmee voorgoed
verloren te gaan. Het documenteren van dit bijzondere erfgoed is dan ook belangrijker
dan ooit.
In 2001 vond de onderzoeker Tjalling Halbertsma in Binnen-Mongolik een aantal
van de stenen waarvan de afdrukken nu in het museum te zien zijn en sinds 2003
documenteert hij met steun van de Leidse Hulsewi-Wazniewski Stichting deze stenen
door er wrijfprenten en foto's van te maken.
Wrijfprenten worden gemaakt door vellen papier op de stenen inscripties te drukken,
waarna het papier met inktkussens zwart wordt gemaakt. Alleen het papier dat
in de inscripties is gedrukt, blijft wit en zo ontstaat er een 'positieve' afdruk.
Het verhaal van de vroege christenen en de geroofde graven in China vertelt
Tjalling Halbertsma in zijn boeken 'De
verloren lotuskruisen' (Altamira-Becht
2002) en 'Steppeland' (Dominicus
2003), ook verkrijgbaar in de museum boekwinkel.
03 januari 2005
Mongoolse Opera ontvangt donatie van Nederlandse Mongolsaikhan Foundation
Op 28 december reikte Roy Dongen van de Mongolsaikhan Foundation een cheque van MNT 11 miljoen (EUR 7000) uit aan de directeur van Staats Opera en ballet Theater Dhr. V.Sergelen. Het bedrag is bestemd voor nieuwe balletuitvoeringen in 2005
Mongolsaikhan werd in 1999 opgericht om culturele activiteiten in Mongolië te ondersteunen, en heeft eerder het Internationaal Opera en Ballet festival gesponserd. Ook is het dit jaar voor het tweede jaar betrokken bij school nummer 60 in yarmag, een van de armere buitenwijken van Ulaanbaatar.
01 januari 2005
Nieuwjaar in Mongolië - Een impressie
Het Nieuwjaarsfeest zoals wij dat kennen, zou nooit in Mongolië bedacht kunnen zijn. Eindeloos wachten tot het twaalf uur is, lijkt een absurde bezigheid in een land waarin tijd en tijdsbeleving nog vaak een hele andere waarde hebben dan in het gejaagde westen. De Mongoliërs hebben dat zelf beter geregeld met hun eigen Nieuwjaar, meestal rond begin februari. Dat feest duurt een hele maand. Weliswaar de kortste maand van hun maankalender - bestaande uit slechts enkele dagen -, maar toch, ze nemen er de tijd voor. Met uitbuiken en verder bijkomen ligt het openbare leven er dan ook wel een week mee stil. En dan heb ik het nog niets eens over de intense voorbereidingsperiode. Dagen van te voren worden de traditionele gestoomde deegballetjes met schapenvlees bereid. Die worden met honderden op het balkon gezet, waar het in een beetje winter flink kouder is dan de beste diepvries.
Op de dagen van de viering van deze Witte Maand (Tsagaan Sar) gaat het echter niet alleen om die enorme stapels deegballetjes samen met de wodka en gefermenteerde paardenmelk - een lokale lichtalcoholische drank. Het is vooral een feest van het respect voor de ouderen en het aanhalen van familiebanden en vriendenkringen. Jongeren bezoeken de ouderen en spreken een rituele groet uit terwijl ze elkaars armen ondersteunen. Een boeiend en mooi schouwspel, waar wij misschien nog wel iets van op zouden kunnen steken.
Maar dit jaar ga ik dan toch een keer "ons" nieuwjaar bij een Mongoolse familie vieren, want daar zijn ze ook wel weer niet te beroerd voor. Voor een feestje is de Mongoliër is altijd wel te porren. Op de televisie en op straat zijn op de avond van 31 december de kerstmannen nog niet weg te slaan (letterlijk want ik zie er twee een potje Mongools worstelen op straat, naast een paar vuurwerkverkopers die hun eigen koopwaar alvast uitproberen).
Als ik vroeg in de avond bij de familie aankom, staan daar natuurlijk al schalen met eten te wachten. Aardappelsalades, worsten en augurken, maar al snel komen ook de deegballetjes op tafel. Bij de derde schaal kijkt een van de jongemannen op naar zijn zus die het binnenbrengt. Met een grote grijns zegt hij "Hé, dit is toch nog niet het Mongools Nieuwjaar!".
De hele avond staat de televisie als een dynamische schemerlamp tegen de wand. Er zijn vooral veel toespraken, want dat hoort hier bij een publieke gebeurtenis. Niet alleen de president, de premier, de kamervoorzitter en bijna alle ambassadeurs, maar zelfs de Amerikaanse directeur van een van de Mongoolse banken mag zijn zegje op de buis doen.
Na een tijdje slaat dan toch enigszins de verveling toe. Een feestje is leuk maar dan moet er ook wel iets te doen zijn. Moeder ligt al half onderuit op het bed dat als bank functioneert. De kleine kinderen zorgden nog wel voor wat vermaak, maar huilen inmiddels af en toe van vermoeidheid. Om tien uur word dan maar het vuurwerk uitgepakt - "Je wou toch niet echt tot twaalf uur wachten?!" - en de champagne knalt al om vijf voor elf.
Het laatste uur wordt dan wel net in gezelligheid uitgezeten en dan is het, na nog wat nerveus gedoe van die Hollander met een klokje en de laatste champagne fles, wel gedaan. Het laatste vuurwerk wordt nog afgeschoten en dan is het echt genoeg. Nog voor half één worden degene die van elders komen in een auto gepropt, terwijl de rest van de familie hun pyjama al opzoekt.
Even later lig ik vertwijfeld in mijn slaapkamer naar het plafond te staren. Het jaar zal vast wel weer heel snel voorbij gaan, denk ik nog en draai me maar om.
Gelukkig Nieuwjaar!



